|
November 2011: Opnieuw enkele wijzigingen in Belastingplan 2012 |
|
|
|
|
Staatssecretaris Weekers van Financiën heeft met een vierde nota van wijziging opnieuw enkele wijzigingen aangebracht in het wetsvoorstel Belastingplan 2012.
PwC Belastingnieuws heeft de voornaamste wijzigingen op een rijtje gezet. De wijzigingen betreffen onder meer de volgende.
- Het kabinet wil het doorwerken van 62-plussers extra stimuleren en voorkomen dat vitaliteitssparen wordt gebruikt om vervroegd met pensioen te gaan. Daartoe wordt naast het ineens als belastbaar voordeel uit vitaliteitssparen in de heffing betrekken van vitaliteitsspaartegoeden ook 20% ‘revisierente’ (een soort ontmoedigingsrente) berekend als men met ingang van het kalenderjaar waarin men de leeftijd van 62 bereikt, meer dan € 10.000 van een vitaliteitsspaarrekening heeft overgeboekt of uit een vitaliteitsspaarverzekering tot uitkering heeft laten gekomen of van het vitaliteitsspaarrecht van deelneming heeft vervreemd. De 20% revisierente wordt berekend over het totale belastbare voordeel uit vitaliteitssparen (de opname plus het resterende tegoed) van het jaar waarin men meer dan € 10.000 heeft opgenomen.
- In de vennootschapsbelasting komt de winstvermindering ingevolge een RDA-beschikking (RDA = Research & Development Aftrek) niet ten laste van de grondslag van de innovatiebox. Dit is gunstig omdat de in de innovatiebox belastbare voordelen slechts worden belast tegen een percentage van 5%.
- Voor navorderingsaanslagen erfbelasting die worden vastgesteld overeenkomstig een verzoek van de belastingplichtige, eindigt de periode waarover belastingsrente wordt gerekend uiterlijk 12 weken na de ontvangst van het verzoek. Bij de inkomsten- en vennootschapsbelasting was dit al zo geregeld.
- Niet alleen kan belastingrente worden vergoed als de inspecteur een onjuist standpunt heeft ingenomen over de hoogte van de verschuldigde belasting, maar ook als hij een onjuist standpunt heeft ingenomen over de omvang van de belastingteruggaaf.
- Het nieuwe regime van de belastingrente geldt ook voor belastingaanslagen vennootschapsbelasting die betrekking hebben op een kort boekjaar 2012 en die na afloop van dat korte boekjaar maar nog in 2012 worden vastgesteld. Belastingaanslagen over deze boekjaren kunnen zowel in 2012 als in de jaren daarna met een rentecomponent worden vastgesteld. De staatssecretaris vindt het uit oogpunt van eenvoud wenselijk dat op al deze aanslagen hetzelfde renteregime -alleen dat van de belastingrente en niet dat van de heffingsrente en invorderingsrente- van toepassing is.
- Op diverse van de in de Successiewet 1956 opgenomen bedragen wordt aan het begin van het kalenderjaar 2012 de inflatiecorrectie niet toegepast. Dat betekent dat eenmalig voor 2012 de tariefschijfgrenzen niet worden opgetrokken en ook de diverse vrijstellingsbedragen die gelden voor schenkingen, erfrechtelijke verkrijgingen en bedrijfsopvolgingen niet worden verhoogd.
Bron: PwC Belastingnieuws
|