Home Nieuws Belastingen November 2009: Tweede Kamer wijzigt fors in nieuwe Successiewet
November 2009: Tweede Kamer wijzigt fors in nieuwe Successiewet PDF Afdrukken E-mail


De Tweede Kamer heeft op 3 november 2009 het wetsvoorstel Wijziging Successiewet en enige andere belastingwetten aangenomen. Hierbij werd een fors aantal amendementen vanuit de kamer aanvaard. Onder meer de eisen rondom samenwoners zijn versoepeld en een aantal vrijstellingen is verruimd. De VVD en de SP stemden tegen de nieuwe wet.

De Tweede Kamer heeft er voor gezorgd dat kinderen tussen de 18 en de 35 jaar voortaan onder voorwaarden gebruik kunnen maken van een eenmalige verhoogde vrijstelling van € 50.000 voor schenkingen van hun ouders als die schenking wordt gebruikt voor een studie of de aankoop van een woning. Daarnaast wordt de vrijstelling voor het erven door ouders van overleden kinderen verhoogd van € 2.000 naar € 45.000.

Minder mensen betalen successierechten
Tarieven voor schenken en erven worden met de nieuwe wet fors verlaagd. Vrijstellingen voor partners en kinderen gaan omhoog en het erven van een onderneming wordt eenvoudiger. Door het verhogen van de vrijstellingen zullen minder mensen successiebelasting hoeven te betalen. In totaal zullen volgens berekeningen van Financiën nog maar 500 partners per jaar deze belasting hoeven te betalen. Bovendien daalt het aantal kinderen dat successiebelasting betaalt met een kwart. De wet zorgt tegelijkertijd voor een vermindering van het aantal tarieven van 28 naar 4.

Hogere vrijstelling en lagere tarieven partners en kinderen,de belangrijkste winstpunten uit de nieuwe Successiewet zijn:

de vrijstelling van erfbelasting voor partners gaat omhoog naar € 600.000;
de vrijstelling van erfbelasting voor kinderen gaat omhoog naar € 19.000;
de tarieven voor partners en kinderen gaan omlaag naar 10 procent over de eerste € 118.000 (was in het oorspronkelijke voorstel € 125.000) en 20 procent over het restant.

Overzicht van de amendementen
De aangenomen amendement houden het volgende in (tussen [] het amendementnummer):

[83 was 56 I] Het omslagpunt tussen het eerste en tweede schijf in de voorgestelde tabel gaat van € 125.000 naar € 118.000.
[46] Personen die voorafgaand aan het tijdstip van overlijden of de schenking gedurende een onafgebroken periode van vijf kalenderjaren een gezamenlijke huishouding hebben gevoerd worden ook zonder samenlevingscontract aangemerkt als partners. De gezamenlijke huishouding dient te blijken uit de gemeentelijke basisadministratie.
[84 was 80] De in het wetsvoorstel opgenomen bepaling dat bloedverwanten in de rechte lijn niet elkaars partner kunnen zijn, is niet van toepassing voor bloedverwanten in de eerste graad, indien de bloedverwant-erflater in het jaar voorafgaand aan diens overlijden de andere bloedverwant heeft aangewezen als een begunstigde voor een zogenoemd mantelzorgcompliment (een uitkering voor mantelzorg ex artikel 19a Wmo) en die andere bloedverwant die uitkering ook heeft genoten.
[68] De fictie van art. 10 SW is niet van toepassing bij een verdeling waarbij een schuld wegens overbedeling ontstaat, wanneer tegenover deze schuld volle eigendom wordt verkregen en de nominale schuld niet groter is dan de waarde van de overbedeling. De termijnen van art. 10, vijfde lid, SW 1956 vervallen. Hierdoor vervalt ook het overgangsrecht van art. XII, zesde lid, voor nalatenschappen die zijn opengevallen voor 1 januari 2010. De schuldigerkenning op basis van een in Boek 4 BW opgenomen wilsrecht, zoals de legitieme vordering, wordt voor de toepassing van artikel 10 niet als een rechtshandeling aangemerkt. Ook rente op deze schuld valt buiten artikel 10. Ook het voorgestelde art. 10, negende lid, SW 1956 wordt gewijzigd. Het maakt voor de toepassing van artikel 10 niet uit of de goederen die zijn gelegateerd tot de nalatenschap van de erflater behoorden.
[83 was 56 II] In art. 19 SW 1956 worden 'stief'kinderen van samenwonende partners op dezelfde wijze behandeld als stiefkinderen van gehuwden.
[57] Voor zieke of gehandicapte kinderen die grotendeels op kosten van de overledene werden onderhouden geldt een specifieke vrijstelling van erfbelasting van € 57.000.
[58] Ouders krijgen een vrijstelling van erfbelasting van € 45.000 wanneer hun kind overlijdt. De kamer wil dit financieren door de wijnaccijns per 1 februari 2010 te verhogen met 2,7%. Dit moet extra opbrengsten genereren van € 7 miljoen.
[82 was 59] Ouders krijgen de mogelijkheid om hun kind tussen 18 en 35 jaar een belastingvrije schenking te doen van maximaal € 50.000. Dit bedrag dient dan te worden aangewend voor de aankoop van een eigen woning of voor een studiefonds voor het kind. Als het kind voor 1 januari 2010 een beroep heeft gedaan op de verhoogde eenmalige schenking van € 22.760 (bedrag 2009), geldt als tijdelijke regeling een eenmalige vrijstelling van € 26.000, mits de schenking gebruikt wordt voor de aankoop van een eigen woning.
[79] De omvang van de voorwaardelijke vrijstelling voor de verkrijging van ondernemingsvermogen hangt deels af van de omvang van de objectieve onderneming. Van de waarde van de achterliggende objectieve onderneming tot € 1.000.000 wordt de verkrijging van de verkrijger voor 100 percent voorwaardelijk vrijgesteld. Indien de waarde van de achterliggende objectieve onderneming het bedrag van € 1.000.000 wel te boven gaat, wordt 100 percent van de verkrijging vrijgesteld voor zover die betrekking heeft op de achterliggende waarde van de objectieve onderneming tot een bedrag van € 1.000.000 en wordt het meerdere voor 83 percent voorwaardelijk vrijgesteld. De waarde van de objectieve onderneming moet worden beoordeeld vanuit de positie van de erflater of schenker.
[75] Er komt een bijzondere uitstelregeling voor de verkrijging van de blote eigendom van een eigen woning (voorbeeld: kinderen die het huis van hun ouders erven waar hun ouders nog in wonen). Voor het gedeelte van de verkrijging dat bestaat uit de blote eigendom van een woning wordt op verzoek een conserverende aanslag opgelegd waarvoor op grond van bepalingen uit de Invorderingswet 1990 uitstel zal gelden. De woning dient bij de vruchtgebruiker een eigen woning in de zin van de Wet inkomstenbelasting 2001 te vormen.
[66] De defiscalisering van art. 5.4 Wet IB 2001 is mede van toepassing op de persoon die een gemeenschappelijke huishouding heeft gevoerd als bedoeld in artikel 24, tweede lid, SW 1956 en de ouder voor 1 januari 2012 is overleden.
[84 was 80] De accijns op rooktabak gaat per 1 maart 2010 omhoog. Een pakje shag gaat twee cent omhoog. Hiermee worden de verruimde vrijstellingen voor gehandicapten, stiefkinderen van ongehuwde ouders en mantelzorgers met kinderen gefinancierd.
[83 was 56 III] De accijns op wijn gaat per 1 januari 2010 omhoog met 2,7%.

Aangenomen moties wetsvoorstel wijziging Successiewet
De Tweede Kamer heeft bij de stemming over het wetsvoorstel wijziging Successiewet ook een aantal moties aangenomen. Hierin verzoekt men de regering:

familiesamenwoners een goedkoop registratiealternatief te bieden, waaruit blijkt dat er sprake is van een wederzijdse zorgplicht en gemeenschappelijke huishouding, waardoor tariefgroep 1 op hen van toepassing is;
op korte termijn in contact te treden met de Vereniging Nederlandse Gemeenten en een voorstel uit te werken voor een laagdrempelige, goedkope manier om een partnerschap aan te gaan en daar voldoende publiciteit aan te geven;
de positie van de alleenstaanden en andere moderne samenlevingsvormen expliciet mee te nemen in het onderzoek van de belastingcommissie onder voorzitterschap van prof. Van Weeghel en te onderzoeken in hoeverre de successiewet aansluit bij deze moderne samenlevingsvormen.

Bron: René van Beurden