Home Nieuws Salarissen November 2011: verhoging pensioenleeftijd en de DGA
November 2011: verhoging pensioenleeftijd en de DGA PDF Afdrukken E-mail


In september 2011 is een pensioenakkoord gesloten tussen de politiek, werkgevers en werknemers. Eén van de afspraken is dat de 'pensioenrichtleeftijd' op korte termijn wordt verhoogd tot 67 jaar. De pensioenrichtleeftijd is de leeftijd die in de pensioenregeling wordt genoemd en waarop de hoogte van het pensioen is gebaseerd. Wat zijn hiervan  de gevolgen voor de DGA en zijn pensioen in eigen beheer?

Verhoging AOW- en pensioenleeftijd

De afspraak om de 'pensioenrichtleeftijd' te verhogen spoort met het voornemen om de AOW-leeftijd in de toekomst te verhogen. Het wetsvoorstel hiertoe is recent ingediend. Daarin wordt voorgesteld de AOW-leeftijd in 2020 te verhogen naar 66 jaar en mogelijk in 2025 naar 67 jaar. Opvallend is dat de verhoging van de pensioeningangsleeftijd veel eerder zal worden ingevoerd. Het is de bedoeling dat uiterlijk eind 2013 de pensioenleeftijd is verhoogd naar 66 jaar en ultimo 2015 naar 67 jaar. Voor de pensioenfondsen en verzekeraars zal dit een enorme administratieve inspanning zijn. Er zijn dan ook al geluiden vanuit de pensioenwereld te horen dat dit niet haalbaar is. We moeten er vooralsnog toch vanuitgaan dat er in 2012 actie ondernomen moet worden.

Merkwaardig is natuurlijk dat, zoals het er nu naar uitziet tot 2025, de AOW-leeftijd vóór de pensioenleeftijd zal liggen. Je krijgt dus AOW en pas later pensioen. Dien je dan nog door te werken? Dit hoeft niet: de pensioenleeftijd in de toezegging blijft een pensioenrichtleeftijd: het is steeds toegestaan om eerder of later dan deze leeftijd feitelijk met pensioen te gaan, mits de pensioenregeling in die mogelijkheid voorziet. De uitkering dient dan herrekend te worden naar een hoogte die past bij de datum van pensionering. Tot 2020 zal daarom de feitelijke pensioenleeftijd van de meeste mensen toch 65 jaar zijn en tot 2025 66 jaar. Het pensioen zal dan echter wat lager uitvallen. Het is ook mogelijk de AOW-leeftijd uit te stellen. De jaarlijkse uitkering stijgt dan, met ca. 6%.

De pensioenopbouw zelf verandert niet, het maximum van 2% per dienstjaar blijft in stand. Ook de op het moment van uitstel opgebouwde rechten blijven in stand. Men kan er voor kiezen om voor die bestaande rechten de oude ingangsleeftijd te handhaven, maar dan ontstaat er meerdere pensioeningangsdata, wat erg onpraktisch is. Het ligt meer voor de hand om uit te gaan van één ingangsdatum, waarbij het uitstel van de opgebouwde rechten tot extra pensioen leidt, een zogenaamd excedent, zoals dat eerder bij de VPL-wetgeving ook al opgetreden is.

De DGA

Voor de DGA met een pensioenregeling in eigen beheer betekent dit dat er in 2012 een aangepaste pensioenovereenkomst opgemaakt zal moeten worden. Wellicht is het overigens eenvoudiger om de aanpassing in een aanhangsel vast te leggen. Het is verstandig en goed mogelijk om de twee wijzigingen in één keer door te voeren, dus in 2012 direct een overeenkomst op te maken met een pensioenleeftijd van 67 jaar. Dit geldt niet als de pensioengerechtigde toevallig in 2014 of 2015 66 jaar wordt.

Samenvattend

In 2012 zal voor iedere DGA met een pensioen in eigen beheer een aanpassing moeten plaatsvinden. De feitelijke gevolgen van de aanpassing zijn echter beperkt. Ook de
ermee gepaard gaande werkzaamheden vallen erg mee zeker nu in het verleden al een paar maal ervaring is opgedaan met vergelijkbare acties.
De actie kan bovendien ook een goede aanleiding vormen om de pensioenopbouw nog eens kritisch te beschouwen.

Bron: Baker Tilly Berk